sociaal incompetent gedrag
Sociaal incompetente jongeren weten niet welk sociaal gedrag hun omgeving van hen
verwacht. De teruggetrokken leerlingen komen niet voor zichzelf op, klappen dicht bij
kritiek en uiten zichzelf niet. De agressieve leerlingen nemen niet de rust om goed te
luisteren, kunnen niet omgaan met kritiek en hebben vaak conflicten. Beide vormen van
gedrag geven irritaties bij hun omgeving.

negatief zelfbeeld, negatieve spiraal
Het gedrag van teruggetrokken en agressieve jongeren lijkt tegengesteld. Toch hebben
deze jongeren iets gemeen: een negatieve verwachting over de effectiviteit van hun
gedrag. Ze hebben gedachten als: ik weet zeker dat dit mij niet lukt, dat ik niet
geaccepteerd word. Of: ze geloven me toch niet, ze moeten ook altijd mij hebben.
Dit negatieve zelfbeeld leidt tot nog onhandiger gedrag, waardoor ze vaker falen. Dit is
weer een bevestiging van hun negatieve verwachtingen. Hun zelfvertrouwen daalt, hun
zelfbeeld wordt steeds negatiever. Ze voelen zich eenzaam en ongelukkig. Zo ontstaat
een negatieve spiraal die leidt tot sociale incompetentie en isolement.

voorbeelden van leerlingen die zich terugtrekken
Joris staat regelmatig huilend bij zijn mentor omdat hij wordt gepest. Tijdens gym en in de
pauze pakken klasgenoten vaak zijn spullen af. Hij weet dan niet hoe hij moet reageren en
wacht hulpeloos af. Zijn moeder brengt en haalt hem omdat hij onderweg ook wordt lastig
gevallen. Joris is eenzaam en heeft op school geen vrienden.
Cynthia wil erg graag geaccepteerd worden door de meisjes uit haar klas. Ze neemt
snoep mee naar school om hun vriendschap te kopen. Als de eisen van de anderen
steeds hoger worden heeft ze geen weerwoord. Uiteindelijk dwingen ze haar om elke
vrijdag geld mee te nemen en daarvan te trakteren. Als haar zakgeld op is, heeft ze het
gevoel helemaal klem te zitten.
Bianca’s eerste stage in een drogisterij verloopt moeizaam. Ze is verlegen, praat zachtjes
en durft geen contacten te leggen met klanten. Ze voert opdrachten zorgvuldig uit maar
neemt zelf geen enkel initiatief als ze daarmee klaar is. Ze voelt zich erg ongemakkelijk.

voorbeelden van leerlingen die agressief reageren
Kevin is op zijn vorige school erg gepest. Hij heeft zich voorgenomen dat hem dat op zijn
nieuwe school niet meer zal gebeuren. Vanaf de eerste dag overschreeuwt hij zichzelf en
treitert hij jongere leerlingen. Zijn klasgenoten zijn bang voor hem. Eigenlijk zou hij graag
echte vrienden maken, maar hij weet niet hoe dat moet.
Wessel is een aardige, erg drukke jongen. Hij zoekt op allerlei manieren contact met
klasgenoten, maar is daar erg onhandig in. Hij stoot ze aan, verstopt hun spullen,
verstoort hun spel en is verbaasd wanneer ze dat niet zo grappig vinden als hij het had
bedoeld. Naarmate Wessel zich meer buitengesloten voelt wordt zijn gedrag clownesker.
Kimberly is een harde werker, maar ze is vreselijk aangebrand als iemand kritiek op haar
heeft. Ze heeft daardoor veel conflicten, zowel met leerkrachten als met klasgenoten. Ze
reageert dan fel, dus de conflicten escaleren snel. Ze heeft het gevoel dat iedereen haar
moet hebben. De stagebegeleider voorziet problemen tijdens de stage.

uitgangspunten van de cursussen 'Mag ik meedoen' en 'Zal ik me even voorstellen'
In de cursussen krijgen leerlingen de kans om in sociale situaties positieve ervaringen op
te doen. Daardoor wordt de negatieve spiraal doorbroken. De negatieve verwachting van
de leerling over zichzelf wordt omgebogen in een positieve. Het zelfvertrouwen wordt
versterkt en de leerling wordt vaardiger in het omgaan met andere mensen. Dit opdoen
van positieve ervaringen gebeurt op vier manieren:
- door het oefenen in de rollenspellen en de huiswerkopdrachten doen leerlingen
positieve ervaringen op met nieuw sociaal gedrag
- door te kijken naar andere leerlingen in de groep die moeilijke sociale situaties met
succes hanteren leren ze veel
- de structuur van de lessen en de duidelijke instructies van docenten geven veiligheid en
steun; de complimenten van begeleiders en groepsgenoten versterken het zelfvertrouwen
- tijdens de cursus ervaren de leerlingen dat ze zich in een groep veilig en plezierig
kunnen voelen; daardoor wordt hun omgang met leeftijdgenoten meer ontspannen

samenstelling cursusgroep
Een ideale cursusgroep bestaat uit 8 tot 12 leerlingen, waarvan maximaal 3 leerlingen
agressief gedrag vertonen. De combinatie van agressieve met teruggetrokken leerlingen
werkt goed; beide groepen leren veel van elkaar.

contra-indicaties
De cursussen zijn ontwikkeld voor leerlingen met sociaal onhandig gedrag, maar kunnen
niet al deze leerlingen helpen. Belangrijke contra-indicaties zijn:
- gebrek aan motivatie
- ouders verbieden deelname
- onderliggende problemen als mishandeling of misbruik
- autistische stoornissen
- zware ADHD
- zeer zwakke intelligentie

literatuur
Bang zijn voor andere kinderen; H.J. Ringrose en E.H. Nijenhuis; Wolters Noordhoff 1986

|